De ERICA Fabriek

Archief ERICA.(1) Hoogezand.

■ NvhN 20-10-1928:  koop of te huur: De voormalige Praeservenfabriek „Erica” met bijgebouwen, staande te Hoogezand, ten Zuiden van den Spoorweg, onm. bij den Kielsterstraatweg; dadelijk te aanvaarden. Te bevragen ten kantore van D. L. DE KOE, notaris te Sappemeer.
■ 10-05-1932, NvhN: Nieuwe inschrijvingen: “Ceramiek- en Aardewerkfabriek „Erica”, Hoogezand, Kielsterstraat 1 A. fabricatie van en handel in aardewerk en ceramiek Venn G en J. Nüburg en F Rehfeld, allen Hoogezand.”

 

Archief ERICA. (2) Hoogezand.

 

NvhN 24-07-1976: Adco-directeur over mislukte onderhandelingen: ‘Ik snap niet wat er mis kan zijn gegaan’

(Van een onzer verslaggevers)

Directeur H. J. Limborgh Meyer van de Groninger Keramische Industrie Adco begrijpt het niet. Hij snapt niet wat er mis kan zijn gegaan bij het laatste overleg dat de NOM (Noordelijke Ontwikkelings Maatschappij) heeft gevoerd met een belangstellende voor deelname in het bedrijf en deAardewerkfabriek Erica in Hoogezand die met Adco wilde samenwerken.

Bedoeling was, tot een nieuwe Groninger Aardewerk Industrie te komen waarin Adco en Erica zouden samenwerken. De derde geïnteresseerde zou financieel bijspringen en afzetgaranties geven. Een rapport over de mogelijkheden was als ruwe schets opgezet door de directeur van Erica. De vakbonden die bij het eerste gesprek aanwezig waren, weten niet beter,, dan dat er nader overleg zou plaatsvinden. Ze vernamen uit de krant, dat de gesprekken op niets waren uitgelopen.

Ook de heer Limborgh Meyer bleek verbaasd over de uitdrukking, dat de NOM het „niet meer zag zitten”, zoals we enige dagen geleden meldden. Wat er precies is gebeurd is niet te achterhalen: de directeur van Erica, die de besprekingen bijwoonde is met vakantie, de heer Limborgh Meyer was in verband met het faillissement van Adco niet in staat de besprekingen te volgen, de vakbonden zouden later op de hoogte worden gebracht en de NOM is niet bereid om cqmmentaar te geven, omdat er niemand van de directie is, die alleen gerechtigd is om mededelingen te doen. Volgens de heer Limborgh Meyer heeft dit overigens verder strekkende gevolgen. „Als we niet tot een gezamenlijke opzet van Adco en Erica kunnen komen met medewerking van de NOM, is het ook afgelopen met Erica. Want daar wil men niet op het faillissement wachten. Men gaat dan sluiten. Dus komen er dan nog eens ruim twintig mensen op straat te staan”. Dat wordt voorzichtig bevestigd door de vakbonden, die zeggen te weten dat het moeilijk gaat met Erica, dat ook kampt met afzetmoeilijkheden. Maar de heer Limborgh Meyer voelt zich nog niet verslagen. Hij wil doorgaan. „We moeten proberen de werkgelegenheid voor een aantal mensen te bewaren. Mijn familie heeft indertijd de aandelen van Adco voor een spotprijs aan de Porceleyne Fles overgedaan, omdat ze niet meer kon investeren. Dat is toen gedaan om modernisering van het bedrijf mogelijk te maken en de werkgelegenheid veilig te stellen, hoewel er in de praktijk niet zoveel van is gekomen”.

Om nu door te gaan heeft men overheidsgeld nodig. Geld om de gebouwen ,van Adco, die nu eigendom zijn van de Porceleyne Fles terug te kopen en de inboedel te verwerven.

Economische Zaken heeft een klein jaar geleden een krediet van een half miljoen gulden in het vooruitzicht gesteld aan de Porceleyne Fles, onder garantie van de Porceleyne Fles om haar Groninger dochter te helpen. Met dat geld moesten toen de tekorten worden gedekt en een aantal moderniseringen worden uitgevoerd. Belangrijkste punt daarbij was het tweemaal branden van het aardewerk terug te brengen tot eenmaal, wat in een tunneloven als bij Adco nogal moeilijk is. De Porceleyne Fles kon het aanbod toen het schriftelijk werd bevestigd in januari dit jaar, niet meer accepteren, omdat ze zelf in moeilijkheden zit en de verplichtingen niet aandurfde.

Er is toen koortsachtig gezocht naar een eventuele koper voor het bedrijf. In eerste instantie is gedacht aan Erica in Hoogezand, maar dat bleek niet haalbaar. Daarna was er een gesprek met een mogelijke gegadigde met contacten in de Duitse aardewerkindustrie. Er werd vanuit die hoek een rapport uitgebracht over Adco dat er gunstig uitzag. De man, een exporteur en geen fabrikant, durfde de overname io het laatste ogenblik echter niet aan.

Limborgh Meyer: „Toen op dat hoorde ben ik onmiddellijk in mijn auto gestapt en naar die Duitse relatie gereden. Daar bleek men nog steeds enthousiast; Hij zou het probleem van eenmaal branden ook voor ons oplossen. Was zelfs bereid een deel van zijn produktie naar Groningen over te hevelen, omdat we nu eenmaal uitstekende kwaliteit maakten en hij zelf met een gebrek aan capaciteit kampte. Samen met mensen van de NOM ben ik er later nog eens geweest. Maar de NOM bleef twijfelen Ze e wilden te veel zekerheden zwart op wit. Tegelijkertijd heb ik nog contact gehad met een grossiersgroep. Maar toen dat niet snel genoeg tot bevredigende resultaten leidde kreeg ik van de Porceleyne Fles de opdracht het faillissement aan te vragen”.

Daarna zijn de besprekingen met Erica, NOM en de nog steeds geïnteresseerde Duitse relatie weer op gang gekomen. Maar hoe die zijn verlopen weet op dit ogenblik eigen niemand. Alleen de mensen die nu met vakantie zijn en de NOM. Maar daar mag men niets zeggen.


Archief IRENE. Hoogezand.

■ 31-07-1935, NvhN; Opheffingen en wijzigingen: ” Ceramiek- en Aardewerkfabriek „Erica”, Hoogezand Kielsterstraat 1 A. Zaakadres thans: Hoogezand, Eendrachtsweg (ongenummerd). Uitgeschreven; F. Rehfeld.”
■ 19-10-1939, NvhN; Nieuwe inschrijvingen:„ Ceramiek en Aardewerkfabriek „Irene”, Hoogezand, Kielsterstr. 1 A, ceramiek en aardewerkfabriek in den ruimsten zin des woords. Beh. vennoote: Mej. A. M. Buchmeijer Venn. b. w. v. geldschieting: een (Nederlander). Ingebrachte gelden: f 5300.
■ 10-04-1954, NvhN; Publieksverkoop: “Fabriek te Hoogezand verkocht. In ‘t hotel Faber te Hoogezand werd ten overstaan van de heer J. L. L. C. Hoogenboom, notaris aldaar, publiek verkocht het fabrieksgebouw, waarin gevestigd de Ceramiek- en Aardewerkfabriek „Irene”, met erf, grond en uitweg naar de Kerkstraat, staande en gelegen te Hoogezand, ten Zuiden van de spoorweg Groningen—Nieuweschans. Koper werd het Makelaarskantoor Lieberom te Sappemeer, in opdracht, voor f 30.500.” (Overgenomen door aardewerkfabriek Confido Harkstede. red.)

 

Archief CONFIDO. Harkstede / Westerbroek / Hoogezand.

■ 30-03-1967, NvhN; Familiebericht: “Tot ons leedwezen is onverwacht overleden onze vriend en medewerker de heer F. REHFELD in de ouderdom van 76 jaar. Harkstede, 29 maart 1967. POTTERIJ „CONFIDO”.


Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s